dinsdag 6 oktober 2020

Gewoon een La Chouffe

Op zolder heb ik al weer een voorraad 'moeilijk' bier staan. Moeilijk bier omdat het over het algemeen niet door de doorsnee bierliefhebber wordt gewaardeerd. Denk aan de smaak van wilde gisten, gortdroge bieren en te bitter. Wanneer er dan iemand langskomt die trots zegt dat ie regelmatig een Karmeliet tripel drinkt, dan durf ik mijn Frankensteinbieren eigenlijk niet te geven. Toch doe ik het dan vaak toch en in enkele gevallen kwam er commentaar terug met de strekking:" Dit bier was niet goed meer, zurig," of zelfs "dit is geen bier meer!". De kritieken kwamen altijd via-via dus die berichten waren al gefilterd. Ieder zijn mening natuurlijk en ik begrijp het ook wel, het is tenslotte moeilijk bier.   

De La Chouffe blond is een goede keuze als het gaat om het aanbieden van een bier dat niet alleen populair is maar ook lekker voor zowel biersnob als gewone drinker. Dit kan je zonder gene weggeven, met niks geen commentaar erna. Ook wel eens een keer lekker. 

Voor het recept hoef ik eigenlijk niet al te ver te zoeken. De oude rotten van het
hobbybrouwforum hebben al menig kantje over dit bier volgeschreven. Het is zek
er vermakelijk om door te lezen, zeker de manier waarop er toen met elkaar gediscussieerd werd. Er is niet perse sprake van een definitief recept, het is meer fijnslijperij, wat neerkomt op een handje extra tarwemout, meer of minder Styrian Goldings of Saaz of wel of geen koriander of karwijzaad.

In de kloonpogingen worden de volgende uitstapjes genomen: 

Mout: de basis is altijd pilsmout, variërend tussen 82% en 92%. Hieraan wordt meestal een enkele speciaalmout gebruikt in kleine hoeveelheden, doorgaans 3 tot 4% met een enkele uitschieter naar 8%. De soort is vaak caravienna, wat gebaseerd is op een boekje van Wheeler en Protz, maar ook wordt er biscuit of amber 50 EBC gebruikt. Uit de conversaties blijkt dat de speciaalmouten niet nodig zijn voor de smaak of de kleur, want met alleen pilsmout wordt er voldoende kleur geproduceerd. Een enkeling gooit er nog een handje tarwemout in. 

Suiker: De consensus was altijd dat er donkere kandijsuiker in La Chouffe wordt gebruikt. Deze suiker bevat wat kleur en smaak en is niet persé 100% vergistbaar. Toen ik er 100 jaar geleden een bezoek bracht, zag ik grote tanks met donkere kandijstroop staan die duidelijk donkerder waren dan de vaste suiker. Kleur is natuurlijk niet heel belangrijk, dus in deze kloon ga ik voor de kandijsuiker. Overigens wordt er in de meeste klonen kristalsuiker gebruikt. 

Hop: Het eerder genoemde recept uit Wheeler en Protz dicteert Styrian Goldings voor bitter en Saaz voor aroma. Dit is een typisch Belgische benadering. De klonen op het forum gebruiken deze hoppen in allerlei variaties op de hoeveelheid en kooktijd van deze hoppen. Opmerkelijk genoeg heeft een kloon waarin Cascade als bitterhop wordt gebruikt een ONK gewonnen. Meerdere proevers hebben bevestigd dat dit inderdaad een goed gelukte kloon was, zonder dat zij wisten van de Cascade.

Gist: De Chouffe gist is het meest smaakbepalend voor La Chouffe. Deze heeft een smaak die doet denken aan koriander en levert een Belgische smaak, maar wel subtiel en zacht. Voorheen was er nog gist in de fles aanwezig die ook nog eens opkweekbaar was. Na de overname door Duvel werd het bier gepasteuriseerd en is de gist op de bodem niet meer te heractiveren. Er zijn echter nog wel bronnen voor de gist. Een van de belangrijkste is de WY3522. Of dit nu echt de originele Chouffegist is, is de vraag. Verder worden in de klonen ook WLP550 van White Labs, Gnome B45 van Imperial of Omega's OYL-024 gebruikt. 

Kruiden: De Chouffegist geeft een indruk van koriander. Dit zorgt ervoor dat het lastig te bepalen is of er in het origineel wel of geen koriander zit. De meeste klonen bevatten wel koriander, gemiddeld in een 0.5 gram per literdosering. Andere bronnen vermelden nog het gebruik van karwijzaad en komijn, maar persoonlijk geloof ik niet dat dit gebruikt wordt. 

 

Het recept

Het recept hieronder is samengesteld met de informatie uit dit hobbybrouwforum. Hierin is toch de caravienna gebruikt voor een beetje kleur, vanwege de lichte kleur van de kristalsuiker.

      
Aantal liters------- : 12 liter
Gewenst begin SG---- : 1061
Brouwzaalrendement-- : 70 %
Totaal brouwwater--- : 18.84 liter
Spoelwater---------- : 3.84 liter
Maischwater--------- : 15 liter
Kooktijd------------ : 60 minuten
Berekende kleur----- : 10.7 EBC (Morey)
Berekende bitterheid : 25 EBU (Tinseth)

89%    2847 g Pilsmout           3 EBC
3%          95 g Caravienne     66 EBC
8%        255 g Kristalsuiker     0 EBC

Pellets---30 g  4 %az  60 min P Styrian Golding                
Pellets---25 g  2.3 %az  5 min P Saaz (CZ)                      
Korianderzaad 6 gr 5 min

Gistsoort: 3522 Belgian Ardennes                


25m/65°C Maischdikte is: 4.68 L/kg
20m/73°C Maischdikte is: 4.68 L/kg
5m/75°C Maischdikte is: 4.68 L/kg


donderdag 24 september 2020

Proefnotitie | Bitra Kveik IPA


De nieuwe kveikgist van Lallemand was de aanleiding om een kveik IPA te brouwen. Met deze stam kan je in subtropische temperaturen snel vergisten en niet te vergeten: snel drinken. En snel drinken dat willen we met een IPA. Vers drinken. De hopsmaken zijn volgens de kenners snel verloren. Sommigen zeggen dat het na een week of 5 al is veranderd in een hopeloos glas uilenzeik, snel drinken dus. 

Bij mij duurde de hoofdvergisting anderhalve dag. Met nog een weekje er achter aan om zeker te weten dat de vergisting voorbij was en de troebel te laten bezinken, zat ie binnen 1, 5 week in de fles. 

Het bier schenkt in met een forse schuimkraag. Niet perse vanwege de overmaat aan koolzuur, maar waarschijnlijk door de aanwezige eiwitten. Het ontbreken van de kookstap zorgt voor minder eiwituitvlokking. En dat is ook te zien. Het bier is niet helder. Het beeld dat ik eerder had, dat er eiwitvlokken in het bier zouden drijven, is niet uitgekomen. Afgezien van de troebel, zijn er geen drijvende deeltjes te zien. 

Opmerkelijk is de vrij uitbundige hopgeur. Er is immers niet met hop gekookt, en er is alleen hop tijdens het maischen en bij afkoelen (bij 80°C) toegevoegd. Het bier is een tropische verrassing, waarbij de geur van sinaasappel sterk naar voren komt. Dit is zonder twijfel van de Voss kveik afkomstig. In combinatie met de fruitige citrushoppen zoals Columbus, Simcoe en Cascade is er veel tropisch fruit te ruiken. 

De eerste slok is zacht en romig met de eerder genoemde fruitige hopsmaken. Net als een NEIPA is het mondgevoel zacht. Dit wijt ik ook aan het ontbreken van de kookstap. De eiwitten zorgen voor een vol en voedzaam bier. De bitterheid is toch vrij stevig geworden. De hoeveelheid hop in de hopback was ook wel wat extreem, en het is best wel interessant dat er zonder koken zoveel bitterheid van de hop afkomt. De kveikgist geeft een stevige sinaasappelsmaak die prachtig aansluit op de fruitige hoppen. 

Voor het mooie zou ditzelfde bier nogmaals gebrouwen moeten worden, met als verschil dat het niet benaderd wordt als een (NE)IPA, maar als een soort blond bier, of een farmhouse ale. Dan zal de smaakbijdrage van de kveik meer op de voorgrond kunnen treden. Machtig mooi, die kveik!

woensdag 23 september 2020

24K Blond

Dit is een recept voor een blond bier. Het idee van dit bier is om een gist te gebruiken die niet perse heel veel smaak geeft. Volgens de website van Mangrove Jack's is de M54 California Lager een typische gist voor het gebruik in een California Common. Het is een soort hybridegist die lager-achtige eigenschappen heeft tot een vergistingstemperatuur van 18°C. 

Met deze betrekkelijk cleane, en dus mogelijk wat saaie gist is er gekozen om de moutstort wat uit te breiden met wat roggemout, tarwemout en veel carahell. 

De combinatie van Styrian Goldings en Saaz is een klassieke, waarbij fruitige en nobele hoppen elkaar aanvullen. Voor een extra fruitigheid is er curacaoschil en yuzu bij het koken toegevoegd.  Met andere woorden: het is een Belgische blond zonder de Belgische gist. 

De bedoeling is om het bier binnen 2 weken klaar te hebben. Hiervoor is de vergisting bij een iets verhoogde temperatuur uitgevoerd. Na 4 dagen na het brouwen is het bier geheveld en 2 dagen daarna gebotteld. Nu vingers gekruisd voor voldoende koolzuur. 

 

Het recept


Aantal liters------- : 12 liter

Gewenst begin SG---- : 1050
Brouwzaalrendement-- : 70 %
Totaal brouwwater--- : 18.84 liter
Spoelwater---------- : 3.84 liter
Maischwater--------- : 15 liter
Kooktijd------------ : 60 minuten
Berekende kleur----- : 11.3 EBC (Morey)
Berekende bitterheid : 26 EBU (Tinseth)


71%     2068 g Pilsmout 3 EBC              3    EBC   
14%       407 g Carahell                          20   EBC   
10%       291 g Tarwemout                      3    EBC   
5%         145 g Roggemout                     10   EBC   


21 g    2.3 %az  60 min P Styrian Golding
21 g     2.2%az  60 min P Saaz (CZ)                      
20 g    2.3 %az 10 min P Styrian Golding               

20 g    2.2 %az 10 min P Saaz (CZ)                      


19 gr Cuaracaoschil 10 min
1 gr yuzu 10 min

Gist: WLP810 San Francisco Lager           

Maischschema-
60m/67°C Maischdikte is: 5.14 L/kg
1m/78°C Maischdikte is: 5.14 L/kg


De proefnotitie staat HIER.

dinsdag 15 september 2020

Proefnotitie | Bellerophon

Ik heb sinds kort een multifocaalbril. De kleine lettertjes werden wat vaag bij het lezen en dus moest ik er aan. Het is wel even wennen zo'n bril. Als je door de bril naar beneden kijkt, wordt het vaag en als je wilt lezen en je kijkt rechtdoor, is het ook vaag. Met enige regelmaat staan mijn ogen in de verkeerde stand en gaan ze alle kanten op, het beeld dat eerst heel scherp was, is een tel later vertroebeld en daarna is het weer OK.


In een vergelijkbare analogie heb ik de aanloop naar de Bellepheron beleefd. Aan het begin had ik alles scherp op het netvlies: eerst wijngist en dan afmaken met een Brett. Handje kersen erbij voor de fruitige, roodfruitsmaak. Daar kwam verandering in bij het vergisten. Het eens zo k
ristalheldere idee vertroebelde voor mijn ogen en het bier leek volledig mislukt. De vergisting met de wijngist was in 1 week al doorgegaan tot 1010, waar ik hoogstens 1020 had verwacht. Ik vermoed dat het zakje niet alleen wijngist bevatte, maar toch minstens een paar cellen met biergist of andere organismen bevatte. De geur van het bier was op zich best prima, fruitig met een lichte hint van kurk. Alhoewel dit ook een associatie met de wijngist zou kunnen zijn. Toen er na het toevoegen van de kersen ineens een rare vlokkerige laag op het bier lag, was ik klaar om het bier aan de gootsteen toe te vertrouwen.

De positiviteit kwam bij het bottelen pas weer een beetje omhoog; de vlokken bleken eiwitten te zijn die

samen met de papperige inhoud van de kersen een heel uniek uiterlijk had gekregen. Het bier had een mooie fruitige en zelfs wat wijnachtige smaak met een duidelijk brettprofiel ontwikkeld. Wel wat sterk in de paardendeken, maar prima. Na 3 weken wachten opende ik een fles en werd het me weer wazig voor de ogen. Dun, bruin water met minimale schuimkraag en iets zurige kersenlimonadesmaak. Niet meer te redden deze troep, dacht ik. 

We zijn nu inmiddels weer 5 weken verder en met een kleine tegenzin heb ik weer een fles in de koelkast gezet. Bij het openen is er een goede sis en stijgt er rustig koolzuur op in de fles.

De kleur is mooi roodbruin en het bier is helder. Het schuim is wat flauwtjes, maar er blijft een klein ringetje schuim aanwezig.  De geur is stevig, met voorop de Brett, die een wat leerachtige en paardendekengeur verspreid, maar al veel minder vuig dan tijdens het bottelen. Daarna verschijnt de fruitigheid, met vooral stevig rood fruit (natuurlijk de kers, maar ook druif en wellicht wat dadels of vijgen). 

 
Het bier is door de verre uitvergisting op ongeveer 9% uitgekomen, waardoor het bier een verwarmend karakter heeft. Het mondgevoel is niet zoet, en kan je zelfs wat dun noemen. Of licht. Andere proevers noemden het zelfs een fris bier De Brett is ook in de smaak aanwezig maar dit is meer op het niveau van een Orval van een paar maanden oud. De moutstort is niet heel belangrijk gebleken,  Natuurlijk geven de donkere mouten een wat voller en iets moutiger bier, maar de smaak is voornamelijk bepaald door de gist en de Brett. In hoeverre de invloed van de wijngist echt heeft bijgedragen aan dit bier weet ik niet, maar uniek is het zeker, dus dat moet wel.

dinsdag 18 augustus 2020

Historical Brewing Techniques | Lars Marius Garshol

Eens in de zoveel tijd komt er weer eens een boek uit dat dan heel lang op het nachtkastje blijft liggen. Het laatste boek was American Sour Beer van de Mad Fermentationist. Het volgende boek is het langverwachte Historical brewing techniques. De schrijver Lars Marius Garshol heeft een prachtig boek afgeleverd waarin de herontdekking van het farmhouse brouwen en in het bijzonder de Kveikgiststammen worden beschreven. De man is een wandelende encyclopedie als het om Farmhouse brewing gaat. Tot 10-15 jaar geleden was er nauwelijks iets bekend over het brouwen op boerderijen in Scandinavië.

De technieken voor deze farmhouse ales zijn vaak van generatie op generatie  overgedragen. De schrijver vertelt over de eerste keren dat hij op zoek ging en bij brouwers ging kijken. Veelal werd er gebrouwen voor eigen gebruik of binnen de afgelegen woongemeenschap, hierbuiten was er geen informatie over bekend. De methodes die hij aantrof, weken sterk af van wat beschouwd wordt als modern brouwen. Vaak hebben de brouwers geen idee waarom bepaalde technieken worden toegepast. Het zijn de brouwmethodes die van vader op zoon zijn overgedragen, wat een mooie blik in het verleden geeft. Of het nu gaat over het filteren van de maisch, vermouten, voorweken van de gemalen mout, het maischhoppen of de juiste maischdikte meten met een brouwlepel. Met de kennis van nu is het te verklaren en heeft het vaak ook een goede reden.


Er wordt natuurlijk diep ingegaan op de kveik, de gist. Er is geen sprake van eén soort, kveik is vaak een mengsel van meerdere stammen. Het onderzoek naar de verschillen tussen de stammen is nog in volle gang, maar met de nu al bekende, unieke 40+ stammen is er al veel variatie. Verder is de verspreiding van de giststammen een interessant gegeven. Door fysieke hindernissen zoals gletsjers of bergen konden stammen zich apart van elkaar ontwikkelen. De betrekkelijke isolatie van mensen zorgde voor weinig interactie en tegelijk ontstonden er verschillen in bijvoorbeeld het gebruik van de jeneverbestakken en hoe en wanneer er ook hop in het bier terecht kwam. Enkelen kookten de hop apart, anderen lieten het hete wort weer over de hop lopen, als een soort hopback.Tegenwoordig wordt er natuurlijk ook steeds meer volgens moderne manieren gebrouwen, wat betekent dat het wort vaak gekookt wordt met hop.

De beschrijvingen van het leven op de boerderijen in het verleden zijn prachtig. Bier is van oudsher een eerste levensbehoefte en was ondanks schaarste van gerst of granen bijna altijd aanwezig. De moeite die gedaan werd om bier te maken is opmerkelijk. In grote gebieden was er een vrij korte zomer of een vorstvrije periode, waardoor graan bijzonder schaars was. Ook andere manieren om (licht) alcoholische dranken zoals honingdrank, kvass of dunbier te maken komen aan bod. De manier waarop dit beschreven wordt, krijg je een aardig idee over hoe zwaar het leven op  deze boerderijen echt was.

In een apart hoofdstuk wordt ingegaan op de verbanden en verschillen tussen brouwers in Scandinavië en andere Baltische staten en Rusland. De verbanden zijn soms sterk aanwezig. De verschillen liggen in de soorten mout, andere ingredienten en een enkele keer in de brouwmethodes. 

Zelfs als je al veel gelezen hebt over kveik en andere farmhouse ales, is er genoeg nieuws te lezen. Hij schrijft op een bijna persoonlijke manier over de brouwers welke hij heeft gezien en gesproken. Het Engels is niet de eigen taal van Garshol, en daardoor krijg ik de indruk dat het boek ook makkelijker leesbaar is. Het boek is een mooi naslagwerk, waar het bierbrouwen, historie en antropologie hand in hand gaan. Waar je wellicht verwacht dat het boek een complete herhaling van de website is, worden er ook meer dan voldoende nieuwe onderwerpen belicht en bestaande verder uitgediept. Dit boek lees je binnen een aantal dagen uit en is zeker de moeite waard.

vrijdag 14 augustus 2020

Bitra | Kveik IPA

 'Wat is het fokking heet!', schreeuwt mijn anders zo bescheiden vrouw van de bank. De tijd dat we genoten van iedere zonnestraal in de achtertuin lijkt alweer lang geleden. Normaal zou ik het niet in mijn hoofd halen om bij temperaturen boven de 30°C te brouwen, maar met de Voss Kveikgist is deze hittegolf een uitgelezen kans om te brouwen. Met het zweet op mijn voorhoofd sta ik in de keuken boven een dampende brouwautomaat. Dit is gekkenwerk. De temperatuur in de woonkamer is inmiddels door het brouwen alweer 2 graden gestegen tot 27 °C.

Op deze laatste dag van de vakantie heb ik snel een recept in elkaar gezet en  ben ik aan het brouwen geslagen. De inspiratie voor het recept heb ik gehaald uit het  boek Historical Brewing Techniques van Lars Marius Garshol. Dit fantastische boek beschrijft de achtergronden van farmhouse brewing in o.a. Scandinavië. 

De meeste recepten van deze boerderijbieren hebben vaak een simpele moutstort met hoofdzakelijk pilsmout, soms aangevuld met wat andere granen. De moutstort in dit recept is totaal niet authentiek, maar wel lekker simpel. De Viennamout geeft redelijk veel moutigheid en naar verwachting minder DMS-achtige smaken door het ontbreken van de kookstap. De roggemout zal ook een wat granige smaak opleveren. 

De insteek voor het recept is een soort Kveik-IPA. Het Kveikdeel betekent dat het wort niet gekookt wordt,  dus ook de hop niet. En de vergisting wordt met de Voss Kveikgist van Lallemand uitgevoerd. Het IPA stuk bestaat uit het doseren van Amerikaanse hopsoorten. Tijdens het maischhoppen is Cascade en  Columbus toegevoegd. Deze hoppen zijn vrij stevig in smaak. Na het opwarmen van het wort tot 80°C zijn de Simcoe -en Columbushop toegevoegd.


Het recept

Volume: 12 liter
Kleur: 14.3 EBC
Begin SG: 1062
Maischdikte: 4.41 kg /l
Geschat alc%: 6.4%
Maischwater: 16 liter
Spoelwater: 3 liter


88% Viennamout 6 EBC   3200 g
12% Roggemout   10 EBC  400 g
   
- Maischen 60 min 67°C;
- Toevoegen van de maischhop op 10 minuten voor het einde;
- Kort doorverwarmen naar 80°C en hop toevoegen. De hop zat in een hopspider die helemaal zat volgestampt. Ik verwacht hierdoor minder efficiency. De spider is in het wort gebleven totdat het afgekoeld was tot 30°C.  

24 g Cascade maischhop
29 g Columbus maischhop
45 g Simcoe - 80 °C
71 g Columbus - 80°C


- Koelen tot 30°C. Dit duurde ongeveer 40 minuten;
- De kveikgist is een uur vantevoren in wort gebracht;
- Na 2 uur staat het waterslot van het gistvat te borrelen.

Gist: Lallemand Voss Kveik (1 zakje)

Het bier is na 1,5 dag klaar met gisten. 

De proefnotitie van dit bier is hier te lezen. 

 






vrijdag 10 juli 2020

Overzicht van recepten | Het Ferment


Hierbij een overzicht van de brouwrecepten. Hiervoor is er een onderverdeling gemaakt op basis van de categorieën van het BKG. Aangezien we niet altijd vaste bierstijlen brouwen, zijn ze meer ingedeeld op gevoel dan op de eisen van het BKG.
Belangrijk is dat de recepten niet perse altijd matchen met het gepresenteerde idee. Er zit soms een verschil tussen de theorie en de praktijk. Alle recepten bevatten een experimentele opzet. Het eventuele nabrouwen zal op eigen risico zijn. Als het goed uitpakt, ontvangen we natuurlijk graag complimenten. Als dit niet het geval is, dan horen we graag wat er niet goed gegaan is. Of waar we eventueel kunnen verbeteren in het opschrijven.



Licht gekleurd en licht (Categorie A)

Aanbevolen post

Overzicht van recepten | Het Ferment